Brand inperken tot op de centimeter

Brandkleppen, sprinklers en bouwkundige brandveiligheid – drie oplossingen voor een brandveiliger pand van Canon. Senior supervisor facilities management Chris Heijer: “Met de huidige kennis weten we dat toen in ’88 het pand werd gebouwd, het al niet voldeed aan de toenmalige brandveiligheidseisen.”

“De nieuwe vloerbedekking in het Atrium is één van de zichtbare bouwkundige maatregelen die Trigion Brand en Beveiligingstechniek aanbracht. Verder plaatsten zij window-sprinklers in het atrium en creëerden ze tussen het distributiecentrum en het kantoorgedeelte een brandwerende scheiding. Allemaal om te voorkomen dat als er brand uitbreekt deze zich niet verspreid door het gehele pand”, vertelt Chris Heijer, senior supervisor facilities management bij Canon Europa NV.

Toen het distributiecentrum en kantoor van Canon Europa in 1988 in Amstelveen werd gebouwd, was het gebouw ogenschijnlijk brandveilig. Maar toen al voldeed het gebouw blijkbaar niet aan de brandveiligheidseisen. “De inspectie keurde het goed, dus wij dachten dat we in een veilig gebouw zaten”, vertelt Heijer. Best wel vreemd vindt hij. Toentertijd waren drie partijen – bouw, bouwheer en ontwerp – betrokken bij de bouw, maar geen van allen had de brandwerendheid van het gebouw op juiste waarde geschat.

Het pand van Canon Europa in Amstelveen fungeert als operationeel hoofdkantoor voor het gebied van Europa, Midden-Oosten en Afrika, het strategisch hoofkantoor staat in Londen. Beide vallen onder Canon Group waarvan de roots in Japan liggen. Canon ontwikkelt, produceert en verkoopt onder andere printers, camera’s en optische producten voor de kantooromgeving en thuismarkt.

Voorgevoel

“Toen wij intern renoveerden, kregen we nieuw meubilair, tapijt en andere plafonds en verlichting. Tijdens de renovatie vroegen we ons af of de kwaliteit van de brandscheidingen wel voldoende was. Van de toenmalige betrokken bouwkundig adviseur hoorden we dat alles in orde was en aan de normen voldeed. Maar het bleef knagen. Uiteindelijk bracht de applicateur die de brandwerende doorvoeringen onderhield daar duidelijkheid in, en vertelde dat het gebouw inderdaad niet volledig voldeed aan de huidige brandveiligheidseisen”, vertelt Heijer.

Canon vroeg Nieman Raadgevende Ingenieurs om een brandveiligheidsscan uit te voeren. Centimeter voor centimeter controleerden ze het hoofdkantoor en het distributiecentrum in Amstelveen. Heijer wijst naar een stuk plafond in de hoek van het kantoor. Een klein donker gat waar gerafeld plafond uit hangt. “Dat destructief onderzoek moesten zij ook doen om achter de specifieke eigenschappen en certificering van het materiaal te komen.”

Vuistdik dossier

De ingenieurs documenteerden alle gebreken van het gebouw tot een vuistdik dossier met uitleg, foto’s en de mogelijke oplossingen. Heijer: “Het duurde bijna een jaar voordat we precies wisten waar de problemen zaten, de mogelijke oplossingen hadden uitgewerkt en beoordeeld, de voorkeuren hadden bepaald en met de handhaver afgestemd. En dan nog hadden we niet alles in beeld. We wisten dat het rapport niet honderd procent dekkend was. Een grijs gebied zou zeker nog tijdens de uitvoering van de brandveilige oplossingen naar boven komen.”

Met dit dikke dossier op tafel nodigde Canon diverse bedrijven uit om hun licht te laten schijnen op hoe zij het pand brandveiliger zouden maken. Trigion Brand en Beveiligingstechniek kreeg de grote opdracht met als projectleider Brian Roodhuizen. De jonge Hagenaar viel Heijer meteen op. “Trigion sprong eruit. Roodhuizen wist vanuit dit dossier bijna meer van de problematiek dan wijzelf. Ook had hij veel ideeën over de aanpak, oplossingen, mogelijke besparingen binnen dit project, passend bij ons budget.”

Ontzorgen is het doel

Deze ‘ontzorgende’ houding hoopte Roodhuizen al uit te stralen, want dát zijn wij, vertelt hij. “Ik wilde Canon zoveel mogelijk ontlasten en daarbij kosten besparen. Dat betekent dat wij zelf problemen signaleren en hier proactief op reageren. Daarom werkten we vaak in het weekend of in de vroege ochtenduren. Zo hadden de medewerkers van Canon geen last van geboor boven hun hoofd, of wanneer wij de grote sprinklerbuizen door het pand sjouwden.”

Deze houding hield ook in dat Trigion telkens een stap implementeerde tussen het plan van aanpak en de daadwerkelijke uitvoering. Roodhuizen: “Voordat we allerlei sprinklers plaatsten en deuren en ramen vervingen, onderzochten we of die oplossing wel echt noodzakelijk was.”

 Hij geeft een voorbeeld. In het rapport stond dat het dak van het kantoorgedeelte niet de juiste wbdbo-waardes had. “Na onderzoek en overleg met de adviserende partij kwamen we erachter dat een nieuw dak niet nodig was, want deze is van beton. Dus hoefden we alleen de naden brandwerend af te dichten. Scheelt weer,” zegt Roodhuizen.

Ook stond er in het document dat er tussen het kantoorgedeelte en het distributiecentrum een brandwerende scheiding moest komen. Daarvoor een esthetische oplossing vinden, vond Roodhuizen een uitdaging. “Een optie was om op de bestaande bestrating legioblokken te plaatsen. Maar dan moest er ook een fundering komen. Dat kost veel geld en bezorgt veel overlast.” Dus kwam Roodhuizen met een alternatief om de gehele buitenschil van het kantoorgedeelte af te pellen en hier een nieuwe scheiding te plaatsen met kalkzandsteenblokken en nieuw metselwerk. “Esthetischer en kostenbesparend.”

Drie criteria

Die criteria namen Trigion en Canon altijd mee in hun overweging welke brandwerende oplossingen ze wilden aanbrengen: kosten, esthetiek van de oplossing en de mate van overlast bij de uitvoering ervan. “In het atrium of op kantoor vinden we de esthetiek en de mate van overlast van de oplossing belangrijk”, vertelt Heijer. “Meer dan in het warehouse, daar zijn de kosten weer belangrijker.”

Zo was een goede oplossing voor het atrium dat alle glazen gevels vervangen werden door brandwerend glas in brandwerende kozijnen. “Maar daar kozen we niet voor omdat het teveel overlast zou geven. Dus plaatsten we diverse kleine oplossingen: brandvertragend tapijt en gehard glas gecombineerd met window-sprinklers”, vertelt Roodhuizen.

“Dat was een flinke klus”, reageert hij. Canon vond samen met de gemeente het atrium, de spil van het gebouw, een prioriteit. “De deuren moesten het vuur een uur tegen houden, maar het waren er niet eens zes minuten”, zegt Heijer. Daarom besloot het tweetal eerst het gebouw voor medewerkers en bezoekers veilig te maken, daarna ook de scheiding met het distributiecentrum.

Altijd een alternatief

Het was een uitdagende klus, concludeert Heijer. “Ik heb geleerd dat ik soms een oud idee moet loslaten, want er zijn altijd goedkopere of mooiere alternatieven. Een pand brandveilig maken kost veel geld en haalt veel overhoop, maar levert niet direct iets zichtbaars op. Het is goed gelukt om de kosten en de overlast tot het minimum te beperken én wel alle problematiek op te lossen.”

Dit artikel is eerder gepubliceerd in vakblad Brandveilig.com editie 6 – 2014.