All-in-one oplossing voor beveiliging op bouwterreinen

Het is intussen een vertrouwd beeld. Masten met een camera op bouwterreinen. De ontwikkelingen staan echter niet stil. Verhuurbedrijf Boels, beveiligingsorganisatie Trigion en softwareontwikkelaar Griffid brengen nu onder de naam ProfGuard een modulair concept dat de complete beveiliging kan regelen. Het gaat hierbij niet alleen om het signaleren van dieven, maar ook om het voorkomen dat tijdens werktijd onbevoegden op het bouwterrein komen. Diverse sensoren kunnen draadloos gekoppeld worden om het complete bouwproces te monitoren.


Zo’n twee jaar geleden ging Boels op zoek naar een leverancier van cameratoezicht. Het verhuurbedrijf zag al lange tijd met lede ogen hoe bij bouwondernemers de vraag hiernaar toenam en hoe die de weg naar concurrerende aanbieders wisten te vinden. Het besef was echter aanwezig dat een cameramast iets anders is als een boormachine of een mobiel toilet. Een mast alleen heeft weinig nut. De beelden dienen bekeken te worden en bij onraad dient opvolging plaats te vinden. De bouwondernemer wil hier in de regel niet zelf voor zorgen en Boels is er niet op ingesteld. Zodoende werd een partner gezocht en die werd gevonden in Trigion. Vanuit de AlarmServiceCentrale worden camerabeelden uitgekeken en professionele centralisten sturen beveiligers ter plaatse als dat nodig is. Voor de masten zocht men een partner die niet alleen de hardware kan leveren, maar daar ook een intelligente oplossing voor kan ontwikkelen. Die zoektocht eindigde in Almere bij het bedrijf Griffid.

Mooie samenwerking

“We hebben een mooie samenwerking”, zegt Ron Knaap, business unit manager Monitoring & Response bij Trigion. Wij hebben verstand van veiligheid, Griffid van video en Boels van logistiek. Als ieder zijn eigen kracht inbrengt, krijg je het beste product. Namelijk een integrale oplossing die precies aansluit bij wat de klant verwacht.” De ProfGuard bevat volgens Knaap veel intelligentie. “Onze centralisten hoeven niet permanent te kijken naar de beelden, want er is een breed spectrum aan Video Content Analyse toegevoegd waarbij slechts aandacht nodig is voor afwijkende situaties. Niet alleen om dieven te betrappen, maar ook voor verkeersmanagement en gedragsanalyse. We kunnen tellen hoeveel mensen en voertuigen zich op het terrein bewegen en met welke snelheid. Zo is voor elk punt in de bouwregelgeving wel een technisch antwoord te geven.”

De aannemer is verantwoordelijk voor wie er op het bouwterrein aanwezig is. Daarom kan de ProfGuard ook de toegangscontrole ondersteunen. Via de cameramasten komen de signalen van de kaartlezers in de tourniquets bij de aannemer terecht en buiten werktijden bij de meldkamer van Trigion. Knaap: “De aannemer kan op zijn eigen portal zien hoeveel timmerlieden en metselaars er binnen zijn, maar ook hoeveel van de aanwezigen een VCA-certificaat hebben. Het is dus: ‘ik krijg wat ik huur’ in plaats van ‘ik hoop dat ze er zijn’.”

Efficiënt

De oplossing is volgens Knaap ook efficiënt. “Je hebt echt niet op elke vijftig meter een camera nodig. Natuurlijk kan een camera niet om het hoekje kijken, maar dat hoeft ook niet als er andere maatregelen zijn doorgevoerd. Nu is veelal één mast voldoende, die als hub fungeert voor andere sensoren op het terrein. Zo zijn we steeds verder gaan voortborduren. Wat kunnen we nog meer toevoegen om onze dienstverlening uit te breiden? Het gaat er niet per se om dat de mast steeds slimmer wordt, maar dat de klant precies krijgt waar hij behoefte aan heeft. Als er geen stroom is op het bouwterrein, voeden we de mast met een accu of een aggregaat. Zo analyseren wij elke keer de behoefte om vervolgens te kijken hoe wij die kunnen invullen. De klant wil geen gedoe. Die wil dat alles op afstand goed geregeld wordt en dat hij volledig aan de regelgeving voldoet. Dus dat er geen mensen op het terrein komen die er niets te zoeken hebben of die niet over de juiste papieren beschikken. Het voldoen aan de regelgeving kunnen wij borgen, omdat onze AlarmServiceCentrale gecertificeerd is voor beveiliging van bouwterreinen (BRL-K21024). De aannemer krijgt dus een certificaat waarmee hij onder andere bij zijn verzekeraar kan aantonen dat hij de zaken goed geregeld heeft.”

Veel voorwaarden

Volgens Knaap is het niet eenvoudig om gecertificeerd te worden voor bewaking van bouwterreinen. “Er gelden veel voorwaarden. Zo moet je mensen opleiden tot projecteringsdeskundige. Alleen gediplomeerden mogen een certificaat afgeven. En dat is een drempel die best hoog is. Met verstand van camera’s ben je er nog niet. Het is een pittige opleiding, waarvoor minder dan 30 procent slaagt. Dat houdt veel partijen tegen om het avontuur aan te gaan. Wij vinden het echter belangrijk dat je een stempel kunt geven dat je het goed hebt geregeld. De aannemer wil die zekerheid ook hebben, want het is vervelend als er iets gestolen wordt. Maar het is nog veel vervelender als daardoor de bedrijfscontinuïteit wordt verstoord. Dat heeft te maken met dat opdrachtgevers steeds vaker strakke deadlines hanteren, gekoppeld aan stevige boeteclausules. Zeker bij grote projecten is dat het geval. Dan heb je bovendien niet meer één aannemer, maar een verzameling van bouwcombinaties met vijfentwintig onderaannemers. Dan wordt het toch echt ingewikkeld om de continuïteit te borgen. Dat gaat verder dan het plaatsen van het hek. Bovendien is het risico elke keer anders. De ene keer is de bouwput midden in de stad. De andere keer ergens op de Drentse hei. Je kunt dus geen ‘one size fits all’ leveren. Het gaat altijd om een integrale oplossing op basis van het risicopallet.”

Beeldkwaliteit

De ProfGuard is volgens directeur Xander Griffioen van Griffid modulair. “Je kunt hem helemaal op de specifieke situatie afstemmen. Is er geen licht, dan passen we camera’s met infrarood of warmtebeeldcamera’s toe. De masten kunnen ook over tweewegaudio beschikken. Dat is een zeer effectieve manier om het proces van criminelen te verstoren.” Het bereiken van de beste beeldkwaliteit - ook ’s nachts - is volgens de cameraspecialist een kwestie van het zoeken van een camera waarvan de specificaties die het beste aansluiten bij de omstandigheden op de locatie.” “Ook hier geldt dat ‘one size fits all’ alleen tot ontevredenheid leidt”, vult Knaap aan.

“Kijk eerst wat je met de beelden wilt doen. Wat is belangrijk voor de centralist om te kunnen beoordelen of er sprake is van een incident? Vervolgens kijk je wat nodig is om de vereiste beeldkwaliteit te krijgen. Dat bepaalt de keuze van de camera, maar ook van de projectering, de bandbreedte van het draadloze netwerk en de mate waarin de ProfGuard zelf beveiligd moet worden. Bij grote projecten speelt bandbreedte vaak geen rol, omdat men een mobiel wifi-netwerk gebruikt, maar als je via een 4G-netwerk communiceert, moet je toch serieus naar de bandbreedte en compressie kijken.”

Praktijk

De laatste en niet onbelangrijkste uitdaging is het rekening houden met wat de masten op het bouwterrein kunnen meemaken. Knaap: “Je moet het proces goed begrijpen, zodat je onderscheid kunt maken tussen normale handelingen en incidenten. Doordat de bouwsector minder op vaste tijden is gaan werken, wordt dat steeds moeilijker. Ook heb je te maken met mensen die, zonder kwade bedoelingen overigens, de voedingsstroom voor iets anders gebruiken. Dat signaleren we direct, waarbij we de betrokkene via de luidsprekers vanuit de meldkamer vragen de mast ongemoeid te laten. Bijna dagelijks worden vanuit de praktijk nieuwe ideeën opgedaan.”

Er zijn nu ongeveer tweehonderd ProfGuards in gebruik. Deze zijn eigendom van Boels, die ze in het hele land, maar ook in België en Duitsland inzet. Boels verhuurt de masten, maar de aannemer sluit het alarmcontract af met Trigion. Het concept wordt op termijn ook door andere partijen dan Boels gedistribueerd. Er is bijvoorbeeld een versie in ontwikkeling voor in warme landen, zoals in het Midden-Oosten. Deze wordt bekleed met zonnepanelen en beschikt over apparatuur voor communicatie over zeer grote afstanden. Maar zover is het nog niet. Eerst wordt de mast in Nederland en in de buurlanden ingezet en wordt het concept op basis van de ervaringen steeds verder uitgebouwd.

Dit artikel verscheen eerder in vakblad BEVEILIGING editie 11. Auteur: Vincent Vreeken.